ProRail, verantwoordelijk voor het Nederlandse spooronderhoud, krijgt een boete ter hoogte van 2,75 miljoen euro vanwege een overschrijding in het aantal storingen met significante gevolgen voor de dienstregeling in het afgelopen jaar. Dit staat vermeld in een brief van staatssecretaris Bertram van Infrastructuur en Waterstaat.
In 2025 werden er 586 storingen geregistreerd, wat het afgesproken maximum van 520 met het ministerie overschrijdt. Ter vergelijking: in 2024 werden er 507 storingen genoteerd, binnen de afgesproken norm.
ProRail wijst op diverse oorzaken voor de toename van storingen, waar niet altijd directe controle op is. Denk daarbij aan koperdiefstallen en botsingen met voertuigen of personen. Technische problemen zoals defecte wissels, bovenleidingsproblemen en seinstoringen dragen ook bij aan de problematiek.
Tekorten en technische storingen
De voormalige staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Aartsen, informeerde eerder de Kamer dat het aantal technische storingen is toegenomen door een gebrek aan personeel en materieel voor onderhoud. ProRail zelf benadrukt dat de "onvolmaakte onderhoudsmarkt" hier een grote rol bij speelt. Het bedrijf is in overleg met het ministerie om het aantal storingen terug te dringen.
Regionaal treinverkeer
Niet alleen het landelijke spoor ondervindt problemen; ook het regionale netwerk kent storingen en vertragingen. Echter, ProRail krijgt hiervoor geen boete omdat de meeste problemen voortkomen uit vertragingen in het buitenland, waar zij geen invloed op hebben.
Over de prestaties van de NS is de staatssecretaris positief. De treinen reden over het algemeen tijdig, waren niet overvol en reizigers waren tevreden over de dienstverlening. Staatssecretaris Bertram ziet echter nog verbeterpunten in punctualiteit en zitplaatskans.
Verantwoordelijkheden op het spoor
ProRail is door de overheid aangesteld voor het aanleggen, onderhouden en vernieuwen van het Nederlandse spoor. Zij regelen ook de verkeersleiding. De Nederlandse Spoorwegen (NS) daarentegen zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van het personenvervoer, inclusief dienstregelingen, treinonderhoud en kaartverkoop.