De inflatie heeft in september een lichte stijging doorgemaakt, door verhoogde prijzen van brandstoffen, en kwam uit op 3,4 procent. Dit is gebaseerd op de eerste raming van het CBS voor september. In augustus was er nog sprake van een stijging van 3,3 procent vergeleken met het voorgaande jaar.
Hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen wijst erop dat naast brandstoffen ook de kosten voor andere energiebronnen, zoals elektriciteit, in de lift zitten. "In de eerste helft van het jaar waren deze doorgaans goedkoper dan het jaar ervoor, maar nu is dat veranderd."
De prijzen van boodschappen zijn voor de tweede maand achter elkaar iets gedaald, maar Van Mulligen geeft aan dat het onzeker is hoelang dit duurt als de energieprijzen hoog blijven. Op de langere termijn kunnen stijgende energieprijzen ook tot hogere prijzen in de winkels leiden vanwege toenemende productiekosten. "De duur van dergelijke effecten is altijd lastig te voorspellen", aldus Van Mulligen. "Gemiddeld duurt het ongeveer een half jaar, maar dat kan variëren."
Van Mulligen verwacht niet dezelfde extreme schommelingen als in 2022. "De huidige inflatie ligt aanzienlijk lager."