aangroeien

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
grow
Uitspraak: /ˈaːnˌɣrœyə(n)/
Voorbeeld
De planten beginnen snel aan te groeien.
Vervoeging
ikaangroei
jijaangroeit
hijaangroeit
wijaangroeien
jullieaangroeien
zijaangroeien
Verleden tijd
groeide / groeiden
Voltooid deelwoord
hebbengeaangroeid
Gebiedende wijs
groei
Voorwaardelijke wijs
zou aangroeien
Toekomende tijd
zal aangroeien
Scheidbaar werkwoord