beheersen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
beheersen
Uitspraak: /bəˈɦeːrsə(n)/
Voorbeeld
Hij kan zijn emoties goed beheersen.
Vervoeging
| ik | beheers |
| jij | beheerst |
| hij | beheerst |
| wij | beheersen |
| jullie | beheersen |
| zij | beheersen |
Verleden tijd
beheerste / beheersten
Voltooid deelwoord
hebbenbeheerst
Gebiedende wijs
beheers
Voorwaardelijke wijs
zou beheersen
Toekomende tijd
zal beheersen