bezoek
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
het
Vertaling
bezoek
Uitspraak: /bəˈzuk/
Voorbeeld
We hebben een bezoek aan het museum gebracht.
Meervoud
bezoeken
Verkleinwoord
bezoekje