constant
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
bijvoeglijk naamwoordb2
Vertaling
constant
Uitspraak: /kɔnˈstɑnt/
Voorbeeld
De constante regen maakte de dag somber.
Vergrotende trap
constanter
Overtreffende trap
constantst
zelfstandig naamwoorda1
Vertaling
constant
Uitspraak: /ˈkɔn.stɑnt/
Voorbeeld
De constante verandering is vermoeiend.
bijwoorda1
Vertaling
constant
Uitspraak: /ˈkɔn.stɑnt/
Voorbeeld
De constante regen was vervelend.