cross
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
cross
Uitspraak: /krɔs/
Voorbeeld
Hij doet elke zondag mee aan een cross.
Meervoud
crossen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang