diploma
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
het
Vertaling
diploma
Uitspraak: /diˈploːma/
Voorbeeld
Hij heeft zijn diploma behaald.
Meervoud
diploma's
Verkleinwoord
diplomaatje