ficus

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
ficus
Uitspraak: /ˈfiːkʏs/
Voorbeeld
De ficus in de woonkamer heeft veel zonlicht nodig.
Meervoud
ficussen