gast
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
gast
Uitspraak: /ɣɑst/
Voorbeeld
De gast arriveerde precies op tijd voor het diner.
Meervoud
gasten
Verkleinwoord
gastje