hal

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
hal
Uitspraak: /ɦɑl/
Voorbeeld
De hal was versierd met bloemen.
Meervoud
hallen
Verkleinwoord
halletje