harmoniseren
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to harmonize
Uitspraak: /ɦɑrmoˈnizərən/
Voorbeeld
Ze willen de regels binnen de EU harmoniseren.
Vervoeging
| ik | harmoniseer |
| jij | harmoniseert |
| hij | harmoniseert |
| wij | harmoniseren |
| jullie | harmoniseren |
| zij | harmoniseren |
Verleden tijd
harmoniserde / harmoniserden
Voltooid deelwoord
hebbengeharmoniserd
Gebiedende wijs
harmoniser
Voorwaardelijke wijs
zou harmoniseren
Toekomende tijd
zal harmoniseren