herstarten
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
restart
Uitspraak: /ɦɛrˈstɑrtə(n)/
Voorbeeld
Je moet de computer herstarten.
Vervoeging
| ik | herstart |
| jij | herstart |
| hij | herstart |
| wij | herstarten |
| jullie | herstarten |
| zij | herstarten |
Verleden tijd
herstartte / herstartten
Voltooid deelwoord
hebbengeherstartt
Gebiedende wijs
herstart
Voorwaardelijke wijs
zou herstarten
Toekomende tijd
zal herstarten