illustreren

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
illustrate
Uitspraak: /ˌɪlʏˈstreːrə(n)/
Voorbeeld
De auteur wil zijn verhaal met tekeningen illustreren.
Vervoeging
ikillustreer
jijillustreert
hijillustreert
wijillustreren
jullieillustreren
zijillustreren
Verleden tijd
illustrerde / illustrerden
Voltooid deelwoord
hebbengeillustrerd
Gebiedende wijs
illustrer
Voorwaardelijke wijs
zou illustreren
Toekomende tijd
zal illustreren