instarten
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to start in
Uitspraak: /ˈɪnˌstɑr.tə(n)/
Voorbeeld
Je kunt de computer nu instarten.
Vervoeging
| ik | start in |
| jij | start in |
| hij | start in |
| wij | instarten |
| jullie | instarten |
| zij | instarten |
Verleden tijd
startte / startten
Voltooid deelwoord
hebbengeinstartt
Gebiedende wijs
start
Voorwaardelijke wijs
zou instarten
Toekomende tijd
zal instarten
Scheidbaar werkwoord