kleding

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
kleding
Uitspraak: /ˈkleː.dɪŋ/
Voorbeeld
Zij koopt nieuwe kleding voor de zomer.
Meervoud
kledingen
Verkleinwoord
kledingetje