lezen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
lezen
Uitspraak: /ˈleː.zə(n)/
Voorbeeld
Zij leest een boek.
Vervoeging
iklees
jijleest
hijleest
wijlezen
jullielezen
zijlezen
Verleden tijd
las / lazen
Voltooid deelwoord
hebbengelezen
Gebiedende wijs
lees
Voorwaardelijke wijs
zou lezen
Toekomende tijd
zal lezen
Vaak gebruikt met
boek lezen, krant lezen, verhaal lezen