maal

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

zelfstandig naamwoorda2
het
Vertaling
maaltijd, keer
Uitspraak: /maːl/
Voorbeeld
Het avondmaal is om zes uur.
Meervoud
malen
Verkleinwoord
maaltje