opdrinken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
drink up
Uitspraak: /ˈɔpˌdrɪŋ.kə(n)/
Voorbeeld
Ze drinkt haar koffie snel op.
Vervoeging
| ik | opdrink |
| jij | opdrinkt |
| hij | opdrinkt |
| wij | opdrinken |
| jullie | opdrinken |
| zij | opdrinken |
Verleden tijd
drinkte / drinkten
Voltooid deelwoord
hebbengeopdrinkt
Gebiedende wijs
drink
Voorwaardelijke wijs
zou opdrinken
Toekomende tijd
zal opdrinken
Scheidbaar werkwoord