samenkomen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
to meet
Uitspraak: /ˈsaː.mənˌkoː.mə(n)/
Voorbeeld
We komen elke vrijdag samen voor een vergadering.
Vervoeging
ikkom samen
jijkomt samen
hijkomt samen
wijsamenkomen
julliesamenkomen
zijsamenkomen
Verleden tijd
samenkomde / samenkomden
Voltooid deelwoord
hebbengesamenkomd
Gebiedende wijs
samenkom
Voorwaardelijke wijs
zou samenkomen
Toekomende tijd
zal samenkomen
Scheidbaar werkwoord