scheppen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
creëren
Uitspraak: /ˈsxɛ.pə(n)/
Voorbeeld
Hij wil een nieuwe wereld scheppen.
Vervoeging
| ik | schep |
| jij | schept |
| hij | schept |
| wij | scheppen |
| jullie | scheppen |
| zij | scheppen |
Verleden tijd
schepte / schepten
Voltooid deelwoord
hebbengeschept
Gebiedende wijs
schep
Voorwaardelijke wijs
zou scheppen
Toekomende tijd
zal scheppen
zelfstandig naamwoordb2
de
Vertaling
creëren
Uitspraak: /ˈsxɛ.pə(n)/
Voorbeeld
De kunstenaar toonde zijn scheppen in de galerie.