tekenen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
tekenen
Uitspraak: /ˈteːkənə(n)/
Voorbeeld
Hij houdt van tekenen in zijn vrije tijd.
Vervoeging
ikteken
jijtekent
hijtekent
wijtekenen
jullietekenen
zijtekenen
Verleden tijd
tekende / tekenden
Voltooid deelwoord
hebbengetekend
Gebiedende wijs
teken
Voorwaardelijke wijs
zou tekenen
Toekomende tijd
zal tekenen
zelfstandig naamwoorda2
Vertaling
tekenen
Uitspraak: /ˈteːkə(n)(ə)n/
Voorbeeld
Zijn tekeningen hangen aan de muur.