terugblijven
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
stay behind
Uitspraak: /təˈrʏxˌblɛi̯və(n)/
Voorbeeld
Hij besloot om na de vergadering terug te blijven.
Vervoeging
| ik | blijf |
| jij | blijft |
| hij | blijft |
| wij | blijven |
| jullie | blijven |
| zij | blijven |
Verleden tijd
blijvde / blijvden
Voltooid deelwoord
hebbengeterugblijvd
Gebiedende wijs
blijv
Voorwaardelijke wijs
zou terugblijven
Toekomende tijd
zal terugblijven
Scheidbaar werkwoord