tutor
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
tutor
Uitspraak: /ˈtytɔr/
Voorbeeld
De tutor hielp de student met zijn wiskundeproblemen.
Meervoud
tutoren