uitgeven
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
spend
Uitspraak: /ˈœy̯tˌɣeːvə(n)/
Voorbeeld
Ze geven veel geld uit aan reizen.
Vervoeging
| ik | geef uit |
| jij | geeft uit |
| hij | geeft uit |
| wij | uitgeven |
| jullie | uitgeven |
| zij | uitgeven |
Verleden tijd
gevde / gevden
Voltooid deelwoord
hebbengeuitgevd
Gebiedende wijs
gev
Voorwaardelijke wijs
zou uitgeven
Toekomende tijd
zal uitgeven
Scheidbaar werkwoord