verbreden

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
to broaden
Uitspraak: /vərˈbreːdən/
Voorbeeld
Ze willen de weg verbreden om het verkeer te verbeteren.
Vervoeging
ikverbreed
jijverbreedt
hijverbreedt
wijverbreden
jullieverbreden
zijverbreden
Verleden tijd
verbredde / verbredden
Voltooid deelwoord
hebbengeverbredd
Gebiedende wijs
verbred
Voorwaardelijke wijs
zou verbreden
Toekomende tijd
zal verbreden