winkel
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
winkel
Uitspraak: /ˈʋɪŋkəl/
Voorbeeld
Ik ga naar de winkel om boodschappen te doen.
Meervoud
winkels
Verkleinwoord
winkeltje