zelf

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

voornaamwoorda1
Vertaling
zelf
Uitspraak: /zɛlf/
Voorbeeld
Ik doe het zelf.
bijwoorda1
Vertaling
zelf
Uitspraak: /zɛlf/
Voorbeeld
Hij deed het zelf.
zelfstandig naamwoorda1
Vertaling
zelf
Uitspraak: /zɛlf/
Voorbeeld
Hij deed het helemaal zelf.