aanvaarden

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verbb2
Translation
to accept
Pronunciation: aan-vaar-den
Example
Zij besloot het aanbod te aanvaarden.
She decided to accept the offer.
Conjugation
ikaanvaard
jijaanvaardt
hijaanvaardt
wijaanvaarden
jullieaanvaarden
zijaanvaarden
Past tense
vaardde / vaardden
Past participle
hebbengeaanvaardd
Imperative
vaard
Conditional
zou aanvaarden
Future
zal aanvaarden
Separable verb