bevriezen

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verbb2
Translation
to freeze
Pronunciation: beh-vree-zen
Example
Het water begint te bevriezen als het vriest.
The water starts to freeze when it freezes.
Conjugation
ikbevries
jijbevriest
hijbevriest
wijbevriezen
julliebevriezen
zijbevriezen
Past tense
bevroor / bevroren
Past participle
zijnbevroren
Imperative
bevries
Conditional
zou bevriezen
Future
zal bevriezen