doornemen

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verba1
Translation
go through
Pronunciation: door-nay-men
Example
We moeten het rapport nog even doornemen.
We still need to go through the report.
Conjugation
ikneem door
jijneemt door
hijneemt door
wijdoornemen
julliedoornemen
zijdoornemen
Past tense
nemde / nemden
Past participle
hebbengedoornemd
Imperative
nem
Conditional
zou doornemen
Future
zal doornemen
Separable verb