inleveren

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verba1
Translation
submit
Pronunciation: in-le-ver-en
Example
Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.
You have to submit your homework by Friday.
Conjugation
iklever in
jijlevert in
hijlevert in
wijinleveren
jullieinleveren
zijinleveren
Past tense
leverde / leverden
Past participle
hebbengeinleverd
Imperative
lever
Conditional
zou inleveren
Future
zal inleveren
Separable verb