keren

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verba2
Translation
turn
Pronunciation: kay-ruhn
Example
Hij moest de auto keren op de smalle weg.
He had to turn the car around on the narrow road.
Conjugation
ikkeer
jijkeert
hijkeert
wijkeren
julliekeren
zijkeren
Past tense
keerde / keerden
Past participle
hebbengekeerd
Imperative
keer
Conditional
zou keren
Future
zal keren