kwijtraken

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verba1
Translation
lose
Pronunciation: kwite-rah-ken
Example
Ik wil mijn sleutels niet kwijtraken.
I don't want to lose my keys.
Conjugation
ikraak kwijt
jijraakt kwijt
hijraakt kwijt
wijkwijtraken
julliekwijtraken
zijkwijtraken
Past tense
kwijtrakte / kwijtrakten
Past participle
hebbengekwijtrakt
Imperative
kwijtrak
Conditional
zou kwijtraken
Future
zal kwijtraken