overbeoordelen
Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry
verbb2
Translation
to overjudge
Pronunciation: oh-ver-bee-or-de-len
Example
Het is niet goed om iemand te overbeoordelen op basis van een eerste indruk.
It's not good to overjudge someone based on a first impression.
Conjugation
| ik | overbeoordeel |
| jij | overbeoordeelt |
| hij | overbeoordeelt |
| wij | overbeoordelen |
| jullie | overbeoordelen |
| zij | overbeoordelen |
Past tense
beoordelde / beoordelden
Past participle
hebbengeoverbeoordeld
Imperative
beoordel
Conditional
zou overbeoordelen
Future
zal overbeoordelen
Separable verb