reageren

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verba2
Translation
to react
Pronunciation: ray-ah-gay-ruhn
Example
Hij moet snel op de e-mail reageren.
He needs to respond to the email quickly.
Conjugation
ikreageer
jijreageert
hijreageert
wijreageren
julliereageren
zijreageren
Past tense
reageerde / reageerden
Past participle
hebbengereageerd
Imperative
reageer
Conditional
zou reageren
Future
zal reageren