terugwassen

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verbb2
Translation
wash back
Pronunciation: tə-rəkh-vah-sən
Example
Ik moet mijn handen terugwassen na het schilderen.
I need to wash my hands again after painting.
Conjugation
ikwas terug
jijwast terug
hijwast terug
wijterugwassen
jullieterugwassen
zijterugwassen
Past tense
wasste / wassten
Past participle
hebbengeterugwasst
Imperative
wass
Conditional
zou terugwassen
Future
zal terugwassen
Separable verb