verhogen

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verbb1
Translation
to increase
Pronunciation: ver-ho-gen
Example
De overheid heeft besloten de belastingen te verhogen.
The government has decided to increase taxes.
Conjugation
ikverhoog
jijverhoogt
hijverhoogt
wijverhogen
jullieverhogen
zijverhogen
Past tense
verhogde / verhogden
Past participle
hebbengeverhogd
Imperative
verhog
Conditional
zou verhogen
Future
zal verhogen