verhuren

Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry

verbb1
Translation
rent out
Pronunciation: ver-hyoo-ruhn
Example
Ze willen hun appartement verhuren.
They want to rent out their apartment.
Conjugation
ikverhuur
jijverhuurt
hijverhuurt
wijverhuren
jullieverhuren
zijverhuren
Past tense
verhurde / verhurden
Past participle
hebbengeverhurd
Imperative
verhur
Conditional
zou verhuren
Future
zal verhuren