wegtrekken
Look up any Dutch word — plurals, conjugated verbs, and comparatives all resolve to the right entry
verbb2
Translation
pull away
Pronunciation: VEKH-trek-kuhn
Example
De vogels trekken in de herfst weg naar het zuiden.
The birds migrate south in the autumn.
Conjugation
| ik | trek weg |
| jij | trekt weg |
| hij | trekt weg |
| wij | trekken weg |
| jullie | trekken weg |
| zij | trekken weg |
Past tense
wegtrekkte / wegtrekkten
Past participle
hebbengewegtrekkt
Imperative
wegtrekk
Conditional
zou wegtrekken
Future
zal wegtrekken
Separable verb