aanhouden
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to persist
Uitspraak: /ˈaːnˌɦʌu̯.də(n)/
Voorbeeld
De politie besloot de verdachte aan te houden.
Vervoeging
| ik | houd aan |
| jij | houdt aan |
| hij | houdt aan |
| wij | aanhouden |
| jullie | aanhouden |
| zij | aanhouden |
Verleden tijd
houdde / houdden
Voltooid deelwoord
hebbengeaanhoudd
Gebiedende wijs
houd
Voorwaardelijke wijs
zou aanhouden
Toekomende tijd
zal aanhouden
Scheidbaar werkwoord