aannemen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
to assume
Uitspraak: /ˈaːneːmə(n)/
Voorbeeld
Ze besloot het aanbod aan te nemen.
Vervoeging
| ik | neem aan |
| jij | neemt aan |
| hij | neemt aan |
| wij | nemen aan |
| jullie | nemen aan |
| zij | nemen aan |
Verleden tijd
nemde / nemden
Voltooid deelwoord
hebbengeaannemd
Gebiedende wijs
nem
Voorwaardelijke wijs
zou aannemen
Toekomende tijd
zal aannemen
Scheidbaar werkwoord