aanvallen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
aanvallen
Uitspraak: /ˈaːnˌvɑlə(n)/
Voorbeeld
De leeuw besloot om zijn prooi aan te vallen.
Vervoeging
| ik | val aan |
| jij | valt aan |
| hij | valt aan |
| wij | aanvallen |
| jullie | aanvallen |
| zij | aanvallen |
Verleden tijd
viel aan / vielen aan
Voltooid deelwoord
hebbenaangevallen
Gebiedende wijs
val aan
Voorwaardelijke wijs
zou aanvallen
Toekomende tijd
zal aanvallen
Scheidbaar werkwoord
zelfstandig naamwoorda1
de
Vertaling
aanvallen
Uitspraak: /ˈaːnˌvɑlən/
Voorbeeld
De aanvallen waren onverwacht.