afbouwen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
phase out
Uitspraak: /ˈɑfˌbɑu̯ə(n)/
Voorbeeld
Ze zijn van plan om de subsidies geleidelijk af te bouwen.
Vervoeging
ikbouw af
jijbouwt af
hijbouwt af
wijafbouwen
jullieafbouwen
zijafbouwen
Verleden tijd
bouwde / bouwden
Voltooid deelwoord
hebbengeafbouwd
Gebiedende wijs
bouw
Voorwaardelijke wijs
zou afbouwen
Toekomende tijd
zal afbouwen
Scheidbaar werkwoord