afschaffen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
abolish
Uitspraak: /ˈɑfˌsxɑfə(n)/
Voorbeeld
De regering wil de wet afschaffen.
Vervoeging
ikschaf af
jijschaft af
hijschaft af
wijafschaffen
jullieafschaffen
zijafschaffen
Verleden tijd
schaffte / schafften
Voltooid deelwoord
hebbengeafschafft
Gebiedende wijs
schaff
Voorwaardelijke wijs
zou afschaffen
Toekomende tijd
zal afschaffen
Scheidbaar werkwoord