afzoeken

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
to search
Uitspraak: /ˈɑfˌzuxə(n)/
Voorbeeld
Ze moesten het hele gebied afzoeken.
Vervoeging
ikzoek af
jijzoekt af
hijzoekt af
wijzoeken af
julliezoeken af
zijzoeken af
Verleden tijd
zoekte / zoekten
Voltooid deelwoord
hebbengeafzoekt
Gebiedende wijs
zoek
Voorwaardelijke wijs
zou afzoeken
Toekomende tijd
zal afzoeken
Scheidbaar werkwoord