agent
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoorda2
de
Vertaling
agent
Uitspraak: /aˈɣɛnt/
Voorbeeld
De agent hielp de kinderen oversteken.
Meervoud
agenten
Verkleinwoord
agentje