antwoorden

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
answer
Uitspraak: /ˈɑntʋoːrdə(n)/
Voorbeeld
Ze antwoordt snel op e-mails.
Vervoeging
ikantwoord
jijantwoordt
hijantwoordt
wijantwoorden
jullieantwoorden
zijantwoorden
Verleden tijd
antwoordde / antwoordden
Voltooid deelwoord
hebbengeantwoordd
Gebiedende wijs
antwoord
Voorwaardelijke wijs
zou antwoorden
Toekomende tijd
zal antwoorden
zelfstandig naamwoorda1
Vertaling
answers
Uitspraak: /ˈɑntˌʋoːrdə(n)/
Voorbeeld
De antwoorden op de vragen waren duidelijk.