baren
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
bearable
Uitspraak: /baːr/
Voorbeeld
De vrouw zal binnenkort een kind baren.
Vervoeging
| ik | baar |
| jij | baart |
| hij | baart |
| wij | baren |
| jullie | baren |
| zij | baren |
Verleden tijd
baarde / baarden
Voltooid deelwoord
hebbengebaard
Gebiedende wijs
baar
Voorwaardelijke wijs
zou baar
Toekomende tijd
zal baar