begaan
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda1
Vertaling
to commit
Uitspraak: /bəˈɣaːn/
Voorbeeld
Hij heeft een grote fout begaan.
Vervoeging
| ik | bega |
| jij | begaat |
| hij | begaat |
| wij | begaan |
| jullie | begaan |
| zij | begaan |
Verleden tijd
begaande / begaanden
Voltooid deelwoord
hebbengebegaand
Gebiedende wijs
begaan
Voorwaardelijke wijs
zou begaan
Toekomende tijd
zal begaan
bijvoeglijk naamwoorda1
Vertaling
committed
Uitspraak: /bəˈɣaːn/
Voorbeeld
Hij is begaan met het milieu.